Laat de Griekse verkiezingen links liggen

(door Sylvester Eijffinger en Edin Mujagic, opinieartikel in © De Volkskrant van vandaag).

Aanstaande zondag gaan de Grieken, voor de tweede keer in iets meer dan één maand tijd, naar de stembus. Verkiezingen van begin mei zorgden voor een patstelling. Een werkbare regering vormen, hoe instabiel ook, bleek onmogelijk.

Omdat de verkiezingen in feite een volksraadpleging zijn over de euro, zullen ongetwijfeld alle schijnwerpers erop gericht zijn, ook in Nederland. Enorme aandacht voor de Griekse stembusgang is echter nergens voor nodig. De Griekse verkiezingen zijn namelijk veel minder relevant voor ons dan voorheen.

Dé veelgehoorde reden waarom de Griekse verkiezingen ontzettend belangrijk zijn voor Nederland is dat het lot van de euro ermee verbonden is. Als Syriza, coalitie van radicaal links, wint dan gooit Griekenland alle afspraken met de rest van de eurozone die gemaakt zijn in ruil voor noodhulp, overboord. Syriza wil wel in de eurozone blijven, maar het is makkelijk in te zien dat het maar de vraag is of de rest van de Griekse europartners dat zal willen.

Het onmiddellijke gevolg zou nog veel meer onzekerheid, onder meer op de financiële markten, zijn. De traditionele partijen, Nea Demokratia en Pasok, zeggen geen nieuwe maatregelen te willen nemen dan wat er tot nu toe afgesproken is met Brussel. Kortom, al snel trekt men de conclusie dat de euro en zelfs de Europese Unie op de helling komen door de verkiezingsuitslag in Griekenland. Tussen het begin van de crisis en tot de herfst vorig jaar was daar inderdaad heel wat voor te zeggen. Deze argumenten zijn echter tegenwoordig veel minder relevant.

Toen de eurocrisis begon was het bekend dat een eventueel faillissement van Griekenland onvoorspelbare maar dramatische gevolgen zou hebben voor de Europese banken en daarmee voor de overheidsfinanciën en economische groei in de rest van de muntunie en daarbuiten. Grootschalige bankfaillissementen en een diepe economische krimp zouden volgen. De euro zou in coma komen. Inderdaad, het voortbestaan van de eurozone, zo niet de Europese Unie zoals wij die kennen, zou ernstig gevaar lopen.

Dat is de reden waarom de eurolanden honderden miljarden euro’s overgemaakt hebben aan Athene om dat land boven water te houden en de Europese Centrale Bank (ECB) een zeer ruim monetair beleid voert ondanks het feit dat Athene keer op keer alle regels en afspraken aan haar laars lapte en telkens weer de deadlines en doelen voor wat betreft het begrotingstekort en de staatsschuld, ruimschoots mistte.

Ondertussen dwongen de toezichthouders van banken in andere eurolanden hun financiële instellingen Griekse maar ook Spaanse en Italiaanse staatsobligaties van de hand te doen. Om er zeker van te zijn dat er ook koper zou zijn, begon de ECB op grote schaal staatsobligaties van die landen te kopen. Enkele jaren later, anno 2012, hebben veel banken in Europa hun portefeuille van de waardeloze staatsobligaties zodanig verminderd dat het omvallen van bijvoorbeeld Griekenland wel voor schade maar niet voor omvallen van de banken elders in Europa zal zorgen. Zeker omdat die banken bij de ECB voor drie jaar lang onbeperkt kunnen lenen. Dat geeft ook ademruimte.

De laatste maanden is echter een niet te overschatten omslag waar te nemen in de opstelling van de overige eurolanden ten opzichte van Griekenland. Zo vatte Jose Manuel Barosso, president van de Europese Commissie, de ontmoeting van de Europese leiders in mei samen met: wij staan achter Griekenland zolang dat land zich aan de afspraken houdt. Anders gezegd, als ze zich niet houden aan de afspraken, dan kunnen we ook zonder Griekenland. Zeker toen het uitlekte dat de eurolanden gevraagd werden draaiboeken te maken voor het geval dat Griekenland de muntunie verlaat. Nog niet zo lang geleden was de mogelijkheid dat de eurozone zonder Athene zou willen of kunnen vaak afgedaan als absurd.

Nu de banken uit de gevarenzone zijn bij een Grieks faillissement, wat feitelijk het geval zal zijn bij het uittreden van dat land uit de eurozone, nemen ook de Europese politici duidelijk afscheid van de Helleense Republiek. Sommige bedrijven gaan zelfs zo ver dat ze contant geld uit Griekenland weghalen, zoals Heineken. Het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft het draaiboek klaar hoe eigen onderdanen te evacueren uit Griekenland. Zelfs veel Grieken zijn klaar om uit de euro te stappen, getuige de aanhoudende enorme stroom spaargeld uit Griekenland richting andere (euro)landen.

Wat dit allemaal betekent is dat een Griekse uittreding uit de eurozone niet langer fataal hoeft te zijn voor de eurozone laat staan de Europese Unie. Sterker nog, de kans dat Griekenland uit de eurozone zal (moeten) stappen in de nabije toekomst is groter dan ooit. Tot voor kort werkte de rest van de eurozone zich een slag in de rondte om Griekenland aan boord te houden om uiteenvallen van de muntunie of zelfs de Europese Unie te voorkomen.

Nu dat laatste zeer onwaarschijnlijk is door een Grieks faillissement, heeft Europa de luxe ‘nee’ te zeggen tegen Griekenland als dat land zich weer eens niet houdt aan de regels of de gemaakte afspraken niet nakomt. Wat heel lang tot een oncontroleerbare chaos zou hebben geleid, leidt sinds kort slechts tot een beheersbare ramp. Het verschil is enorm. Een beheersbare ramp is ook erg en economisch schadelijk, maar niet fataal.

Sylvester Eijffinger is hoogleraar financiële economie aan de Universiteit van Tilburg. Edin Mujagic is verbonden aan de Universiteit van Tilburg en Oranje Lelie Consultancybureau.

Geef een reactie

Your email address will not be published.

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>